Gasinstallaties
Gasleidingsysteem
Bij een installatie met een gasfles kunt u de regelaar rechtstreeks op de gasfles monteren. Bij een installatie met twee gasflessen moet u op de verzamelleiding twee aansluitkranen monteren. Hierna komt de regelaar, een afblaasventiel en dan de hoofdkraan. Dit systeem moet zich in de gasflessenbun of flessenkast bevinden. Een manometer voor de regelaar kan dienen als gaslektester. Na het sluiten van alle toestelkranen opent u de flesafsluiter om vervolgens deze weer te sluiten. De druk die u dan afleest, mag niet dalen. De flessenberging moet met een gasdichte schotdoorvoer worden verlaten. Uiteraard is dit vakwerk.
Aangesloten gastoestellen
Alle aangesloten toestellen in uw jacht moeten thermo-elektrisch zijn beveiligd en voorzien zijn van een afsluiter voor het betreffende toestel. De sluittijd van de thermo-elementen mag maximaal tussen 15 en 60 seconden zijn. Of de klep daadwerkelijk sluit, is hoorbaar na het sluiten van de toestelkraan. Een eenvoudige, maar noodzakelijke controle. Geisers en kachels sluit u altijd aan met vaste leidingen. Behalve voor het kooktoestel schrijft de norm overal een gesloten luchtsysteem voor. Deze systemen voeren de benodigde verbrandingslucht aan van buiten en voeren het verbrandingsgas ook weer af naar buiten. Denk hierbij ook aan voldoende ventilatie, voorkom condens of nog erger: koolmonoxide. Voor verbranding van een kubieke meter propaan is 24 kubieke meter lucht nodig.
